Neem een cyclus — prijs, bewustzijn, of sterlicht — en normaliseer die tot één herhaling: dal → volgend dal. Curve Firmus vraagt op welke *fase* (τ, tussen 0 en 1) vier vooraf vastgelegde drempels worden gepasseerd. Als die fasen over veel onafhankelijke curves clusteren, “bindt” de vorm.
| Begrip | Betekenis |
|---|---|
| t₀ (anker) | Startpunt van de cyclus — bij sterren: het dal (zwakste flux) |
| Eenheidslijn | Eén volledige periode van dal tot dal |
| τ (tau) | Positie op die lijn, 0 = dal, 1 = volgend dal |
| Scharnier | Moment waarop een drempel wordt geraakt |
De kalendertijd verdwijnt. Alleen de vorm van de cyclus telt.
| Scharnier | Oorspronkelijk (economie) | Sterren (G-band) |
|---|---|---|
| 2σ-ontsteking | Sterke opwaartse beweging na rust | Snelle stijging na dal |
| Verdubbeling | Flux verdubbeld t.o.v. dal | +0,753 mag boven dal |
| Piek | Hoogste punt | Maximum flux |
| Cadens | −35% onder piek | −0,468 mag onder piek |
Twee scharnieren uit de economische versie zijn niet meegenomen naar sterren: het “drie maanden vóór de piek”-scharnier is kalendergebonden; het 2σ-scharnier is vertaald naar fase-returns met de trage daalflank als baseline.
Sterrenkundige magnitudes zijn per definitie logaritmisch: mag = −2,5·log₁₀(flux). Curve Firmus werd ontwikkeld op log-prijs omdat speculatie multiplicatief is. De vertaling naar fotometrie was daardoor klein: drempels in procenten worden exacte magnitude-stappen.
RR Lyrae-sterren zijn asymmetrische pulsators: snelle stijging, trage daling (zaagtand). Ze delen niets met menselijke psychologie of leverage — een onafhankelijk domein. Michiel Hogerheijde (Sterrewacht Leiden) wees op Gaia DR3 als bron met miljoenen publieke lichtcurven.
Onderzoeksvraag: vindt de methode structuur waar geen menselijke markt is, en weigert ze een controleklasse (RRc, bijna sinusvormig)?
Verslag I toont:
Bij RRab: 1 − τ_piek ≈ 0,76 — dicht bij het speculatie-sjabloon (0,74 ± 0,07) onder tijdsomkering. De ster “zingt de figuur achterstevoren”: harde ontsteking, trage terugval — een relaxatie-oscillator. Dit is een bevinding, geen wet; zie verslag I §3.3.